LASTECHNIEK juni 2021

Door de bocht

Je kunt – figuurlijk – te kort door de bocht gaan. Je kijkt dan niet verder dan je neus lang is en trekt voorbarige conclusies, zonder nuancering. Meestal komt dat omdat je je niet echt in de materie hebt verdiept. Maar soms gebeurt het bewust. Een bewering ‘te kort door de bocht’ kan namelijk best nuttig zijn, bijvoorbeeld als je een inhoudelijke discussie op gang wilt brengen.

Je kunt ook – letterlijk – te hard door de bocht gaan. Gebeurt dat met je auto, dan loop je het risico dat je uit de bocht vliegt. Het is in elk geval niet goed voor je banden. Gaat een tram te hard door de bocht, dan is dat hoorbaar aan het krijsende geluid van metaal op metaal. De tram kan zelfs ontsporen. Maar om nu te beweren dat zijdelingse slijtage aan het tramspoor de schuld is van te hard rijdende trambestuurders, dat is echt te kort door de bocht.

Wil je weten hoe het precies zit met die tramrails, en waarom ze regelmatig in de nachtelijke uren hersteld moeten worden door zijdelings oplassen? Lees dan het artikel van de man op de cover, Gert Loogman, lascoördinator bij GVB in Amsterdam.

In LASTECHNIEK zoeken we altijd de nuance, maar een enkele keer gaan we lekker kort door de bocht in de kop van een artikel. Om vervolgens de nuancering en verdieping aan te brengen in de tekst die volgt.
Zo verdiepen we ons in dit nummer in de norm EN-ISO 17635 die voor elke lascoördinator een must is. En we lezen waarom de leukste opdrachten het minste opleveren. Of waar je allemaal rekening mee moet houden bij het lassen van het materiaal dat bekendstaat onder de algemene naam P91. Allemaal artikelen die geschreven zijn door deskundigen die zich terdege in de materie hebben verdiept.

Ook onze zes lascoördinatoren laten van zich horen. In het slotartikel over kwaliteitszorg in de metaalindustrie praten zij over afwijkingen, reparaties en eindrapportages.
En vind je dat ze soms te kort door de bocht gaan? Waarschijnlijk doen ze dat heel bewust.

Downloaden (PDF, 619KB)